Universiteit Leiden

nl en

Wacht niet te lang met het benaderen van de vertrouwenspersoon Ongewenst Gedrag

De vertrouwenspersonen Ongewenst Gedrag van de universiteit zijn er voor je als je de bejeging of benadering van een medestudent of docent als onprettig of onwenselijk ervaart. In welk opzicht dan ook. Dit is het eerste in een reeks interviews met universitaire vertrouwenspersonen.

Ze zijn met zijn tweeën, Piet de Boer en Marieke Brunings. Ze werken voor de Universiteit Leiden als vertrouwenspersonen ‘Ongewenst gedrag’. Dat begrip heeft in de Klachtenregeling Ongewenst Gedrag een ruime invulling. Het gaat om intimidatie/pesten, seksuele intimidatie, agressie en geweld, en discriminatie, op welke grond dan ook. De Boer en Brunings benadrukken dat ze altijd aan de kant staan van degene die om advies of hulp komt. Studenten en medewerkers kunnen hun verhaal bij de vertrouwenspersonen kwijt en hen vragen om mee te denken over oplossingen.

Dunne lijn

‘We gaan eerst na wat er precies gebeurt of is gebeurd’, stelt De Boer. ‘En we kijken ook wat iemand zelf kan doen. We kunnen bijvoorbeeld helpen met een strategie om de ander aan te spreken.’ Beide vertrouwenspersonen realiseren zich dat de lijn tussen ongewenst gedrag en laakbaar gedrag dun kan zijn. Soms vertoont iemand gedrag dat helemaal niet bedoeld is om iemand te kwetsen of te intimideren – bijvoorbeeld naar iemand kijken – maar wordt het wel als zodanig ervaren. Dan is communicatie van doorslaggevende betekenis. En: het internationale karakter van de universiteit is een groot goed, maar er kunnen daardoor ook dingen mis gaan. Wat in de ene cultuur acceptabel is, is dat in de andere cultuur niet; bepaald gedrag kan in verschillende culturen anders worden geïnterpreteerd.

Voorbeelden

De Boer en Brunings geven enkele voorbeelden van situaties waarvoor je bij de vertrouwenspersoon terecht kunt.

Gediscrimineerd
Een medewerker voelt zich gediscrimineerd door zijn leidinggevende. Zij behandelt hem anders dan zijn collega’s. Zo reageert ze bijvoorbeeld niet meer op zijn mails. Hij krijgt geen toestemming voor een specifieke opleiding en ze negeert hem na een uit de hand gelopen gesprek over de problemen volledig. De medewerker wil absoluut niet meer in gesprek met haar maar naar de manager van deze leidinggevende om dit gedrag te bespreken. De vertrouwenspersoon gaat vervolgens mee naar dit gesprek. Het resultaat is dat door optreden van de manager de opstelling van de betreffende leidinggevende in positieve zin verandert.

Communicatieprobleem
Een medewerker is steeds ontevreden over zijn inroostering. Het gaat de leidinggevende ergeren en de verhouding verslechtert. De medewerker meldt zich bij de vertrouwenspersoon. De analyse is snel gemaakt. De medewerker vindt dat hij niet hoeft aan te geven waarom hij de roostering zo belangrijk vindt: hij moet mantelzorg zien in te passen, maar ziet dat als een privékwestie. De vertrouwenspersoon adviseert om de leidinggevende toch in algemene termen iets te vertellen over het belang van een handige inroostering. Dan kan hij rekenen op meer begrip en minder problemen.

Lastiggevallen door medestudent
Een studente is lastig gevallen door een medestudent. Ze klopt aan bij de vertrouwenspersoon. Die bespreekt met haar welke gevolgen dit voor haar heeft. De vertrouwenspersoon vraagt vervolgens of ze hier verder nog iets mee wil en geeft de mogelijkheden hiervoor aan, zowel binnen en buiten de universiteit. De  vertrouwenspersoon kent die mogelijkheden goed. Als ze een officiële klacht wil indienen bij de Klachtencommissie Ongewenst Gedrag, kan de vertrouwenspersoon haar helpen met het schrijven van een brief en haar begeleiden bij de hoorzitting.

Anderhalf jaar in functie

De Boer werkt sinds april 2017 voor de Universiteit Leiden, Brunings pas sinds 1 november 2018. Toen De Boer begon kwamen er weinig mensen naar hem toe. Na de zomervakantie vond een toename plaats en nu weten medewerkers en studenten de vertrouwenspersonen steeds beter te vinden. Afspraken kunnen plaatsvinden op een nader af te spreken locatie, ook in Den Haag.

Het vaakst komen meldingen voor over intimidatie en, in mindere mate, over seksuele intimidatie. Of, en zo ja in welke mate, een ontwikkeling als Me Too een rol heeft speelt, De Boer niet zeggen, aangezien hij geen vergelijkingsmateriaal heeft van eerdere jaren.

Piet de Boer
De Boer is afgestudeerd psycholoog en werkt al zijn hele werkzame leven als vertrouwenspersoon en klachtenbemiddelaar: onder meer in de (jeugd)zorg, de psychiatrie en het onderwijs. Hij is al sinds 2001 verbonden aan adviesbureau Winston & Partners en het werk bevredigt hem nog steeds: het feit dat je betekenis kunt hebben voor iemand, spreekt hem aan. En dat de organisatie er misschien iets beter van wordt. ‘Het is waarschijnlijk gewoon idealisme wat me al die tijd al drijft’, zegt hij.

Marieke Brunings
Brunings begon na een aantal secretariële functies halverwege haar dertigste aan de vierjarige opleiding Integratieve psychotherapeut, gericht op oplossingsgerichte, kortdurende begeleidingstrajecten. Daarnaast volgde ze de basisopleidingen ‘ Vertrouwenspersoon Ongewenste Omgangsvormen’ en ‘Vertrouwenspersoon Integriteit’. Ze werkte een tijd als freelancer maar miste collega’s. Sinds 2014 is ze verbonden aan Winston & Partners. ‘Dit werk motiveert me’, zegt Brunings. ‘Het is leuk en het geeft energie als het lukt om mensen in beweging te krijgen.’ Ze is als tweede vertrouwenspersoon aangetrokken zodat er altijd iemand bereikbaar is, en omdat sommige cliënten de voorkeur geven aan een vrouw.

Complexe organisatie

De Boer noemt de universiteit ‘een complexe organisatie’. Ter illustratie noemt hij promovendi die ook onderwijs geven. ‘Vaak zijn die voor het onderwijs verantwoording schuldig aan iemand anders dan voor het onderzoek. Dat soort dingen moet je helder hebben. Waar zitten de meest kwetsbare groepen? In het algemeen kun je zeggen: in de uitvoerende afdelingen en in de lagere functies. Maar overal waar er hiërarchische verhoudingen zijn, kunnen problemen ontstaan, zeker als iemand in de positie is om de ander te beoordelen. Daarvan zijn bij de universiteit ook voorbeelden naar buiten gekomen.’

Tips?

Nog handige tips? Brunings en de Boer zijn eensgezind over de belangrijkste: ‘Mensen wachten vaak te lang voor ze naar ons toe komen. Ze hebben al een tijd slapeloze nachten en soms ligt een burn out op de loer. Kom zo gauw je het gevoel hebt dat er iets mis is.’

Tekst: Corine Hendriks
Mail de redactie

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie