Universiteit Leiden

nl en
Studentenwebsite Neerlandistiek (MA)

Leidse wetenschap die telt: hoe onderzoek invloed heeft op Europees pesticidenbeleid

Leids ecotoxicoloog Martina Vijver bracht in één weekend een Europees beleidsvoorstel aan het wankelen. Niet met een nieuw experiment, maar met jaren aan onderzoek naar pesticiden – en een brandbrief die het tot in Brussel schopte.

Al jaren onderzoekt Martina Vijver bestrijdingsmiddelen. Haar centrale vraag: wat gebeurt er als stoffen die in het laboratorium veilig lijken, in de echte wereld terechtkomen? ‘In het lab kun je veel controleren’, zegt Vijver. ‘Maar de praktijk is veel complexer en laat zich niet altijd goed voorspellen.’

Al in 2017 publiceerde haar onderzoeksgroep over het belang van een veiligheidsslot op de toelating van pesticiden. Nieuwe middelen worden getest in het lab en beoordeeld met modellen. Dat is logisch: als een stof nog niet op de markt is, kun je hem niet in de praktijk meten.

Toch zagen de onderzoekers een risico. ‘De stap van lab naar veld is groter dan vaak gedacht. Daarom pleitten wij voor een veiligheidsslot: blijf ook na toelating meten en herbeoordelen.’

‘Toen gingen bij ons alle alarmbellen af’

Versneld toelaten zonder herbeoordeling: een slecht idee

In november 2025 lekte een voorstel van de Europese Commissie uit. In een zogenoemd omnibuspakket – een verzamelwet om regels te versnellen – stonden maatregelen over pesticiden waarmee de veiligheid niet meer gegarandeerd kan worden.

Met zowel een Europese als nationale goedkeuring, duurt de toelating van pesticiden nu vijf tot tien jaar. Het nieuwe plan: minder administratie en geen verplichte herbeoordeling na marktlancering. ‘Toen gingen bij ons alle alarmbellen af’, vertelt Vijver. ‘Omdat wij weten hoe lab en veld kunnen verschillen en hoe moeilijk het is om langetermijneffecten in te schatten. We overzien zelden alle consequenties van ons menselijk handelen; stoffen hebben vaak een effect wat na jaren pas zichtbaar is.’

Volgens Vijver is dit ook breder dan alleen pesticiden. ‘Door bijvoorbeeld nanotechnologie of mengsels van pesticides met pfas gebruiken we kleine hoeveelheden van sterk reactieve stoffen. Een lagere dosis betekent dus niet automatisch minder risico.’ Daarom is herbeoordeling volgens haar essentieel.

De brandbrief die bij de Tweede Kamer werd aangeboden

Een brandbrief in één weekend

Het voorstel lekte op een vrijdag uit. Dat weekend belde ze wetenschappers en maatschappelijke organisaties. Samen schreven ze een brandbrief. Maandag lag er een tekst, ondertekend door zes experts, onder wie collega-ecoloog en oud-bestuurder Geert de Snoo en Parkinson-onderzoeker Bas Bloem, en gesteund door organisaties als Natuur & Milieu, FNV en de Parkinson Alliantie Nederland.

Via Kamerleden Anne-Marijke Podt en Laura Bromet werd de brief ingediend als motie. Op de laatste vergaderdag voor kerst werd de motie aangenomen. Nederland gaat begin 2026 in Brussel tegen de versoepeling stemmen.

Maar daarmee is het werk niet klaar. Ook in Brussel moet druk worden gezet. In vier dagen verzamelden zij en collega’s 200 handtekeningen van wetenschappers uit heel Europa. De brief ging naar Commissievoorzitter Ursula von der Leyen en naar Europarlementariërs. Eind februari mocht Vijver bovendien met Europarlementariërs spreken. Het is nu wachten op de stemming, en of Nederland inderdaad tegen stemt.

‘Als wetenschapper heb je ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Op deze manier kan ik met mijn werk écht een verschil maken.’

De keerzijde van wetenschap in het publieke debat

Het netwerk dat Vijver kon inschakelen om deze acties te bewerkstelligen, bouwde ze in jaren op. Door lezingen, samenwerking en zichtbaarheid. ‘Wij kennen elkaar en weten met wie je dit kunt oppakken.’

Maar deze publieke zichtbaarheid heeft ook een keerzijde. Het is intensief, gebeurt naast haar gewone werk en kan heel persoonlijk worden. Zo werd ze in een vakblad een ‘scientivist’ genoemd. ‘Die naam draag ik met trots. Als wetenschapper heb je ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid. En ik maak me zorgen over onze aarde, en hoe we haar achterlaten voor de volgende generatie. Op deze manier kan ik met mijn werk écht een verschil maken.’

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.