Universiteit Leiden

nl en
Studentenwebsite Taalwetenschap (BA)

Veertig jaar Dutch Studies feestelijk gevierd in Leiden

De bachelor Nederlandkunde/Dutch Studies vierde op 22 mei haar veertigjarig bestaan met een feestelijke bijeenkomst in Leiden.

Alumni, studenten, collega’s, oud-collega’s en andere belangstellenden, uit binnen- en buitenland, verzamelden zich voor de ingang van het Herta Mohrgebouw. Omdat het een zonovergoten dag was, vond de ontvangst buiten plaats. Vervolgens opende voorzitter Rick Honings de bijeenkomst. Hij vertelde dat de opleiding uniek is: het de enige plaats in Nederland en Vlaanderen waar niet-Nederlanders in een volledige bachelor worden opgeleid tot ‘Nederlandkundigen’. De opleiding maakt deel uit van een cluster van drie opleidingen, waartoe ook de BA Nederlandse taal en cultuur en MA Neerlandistiek behoren, die nauw met elkaar samenwerken.

Kenners van Nederland

In het collegejaar 1986-1987 ging de eerste lichting studenten van de opleiding Dutch Studies van start. In dat jaar waren de studenten vooral afkomstig uit Indonesië. Sindsdien hebben honderden studenten uit de hele wereld Dutch Studies in Leiden gestudeerd, van China, Japan en Indonesië, tot Canada, de Verenigde Staten en tal van Europese landen. Het betreft zowel reguliere studenten die het hele programma volgen, als uitwisselingsstudenten die voor één of twee semesters naar de Universiteit Leiden komen. Vanwege die diverse instroom wordt al het onderwijs vanzelfsprekend in een international classroom gegeven.

Grondlegger Jan de Vries

De founding father van de opleiding was de taalkundige Jan de Vries (1937-2008), die eerder had geholpen bij het opzetten van het Program Studi Belanda in Jakarta. De Vries stelde vast dat het buitenlandse studenten die in Leiden Nederlands studeerden vrijwel nooit lukte om een diploma te halen. Hij wist het faculteitsbestuur ervan te overtuigen dat er een aparte opleiding moest komen, vertelde hij in een interview in 2001: ‘We hebben een programma ontwikkeld voor buitenlanders die in Nederland een volwaardige studie Nederlands wilden doen. Het doel was hun niet alleen iets over taal- en letterkunde bij te brengen, maar ook over de geschiedenis en de kunstgeschiedenis van de Nederlanden.’

Dat is nog altijd het uitgangspunt. Studenten Dutch Studies krijgen een stevige basis taalverwerving. De meeste studenten stromen in zonder enige voorkennis van het Nederlands. Na een semester volgen ze hun colleges in het Nederlands. Het is altijd weer bijzonder om te zien hoe de studenten zich in een jaar ontwikkelen. Studenten met enige voorkennis van het Nederlands kunnen instromen in het tweede jaar en vrijstelling te krijgen voor de eerstejaars vakken taalverwerving. In hun derde jaar volgen alle studenten colleges samen met native speakers van het Nederlands. Jan de Vries is helaas in 2008 overleden, maar zijn portret stond de hele middag in het midden van de zaal. Hij zou maar wat trots zijn geweest als hij zou hebben gezien dat zijn ‘kindje’ nog altijd springlevend is.

Felicitaties en flitscolleges

Na het welkomstwoord volgde een toespraak van Henk te Velde, decaan van de Faculteit. Daarna was het de beurt aan Anne Sluijs, directeur van de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek. Vervolgens ging docente Liesbet Winkelmolen in gesprek met oud-collega’s. Zij vertelden over hun pionierswerk in die allereerste periode. De secretaresse ging in die tijd nog met de Indonesische studenten matrassen kopen en sjouwen. Onderwijsmateriaal was er nog nauwelijks, want dat moest nog ontwikkeld worden.

Hierna volgden twee flitscolleges. Frans Blom, nu werkzaam aan de Universiteit van Amsterdam maar jarenlang docent bij Dutch Studies, sprak over ‘Rembrandts Anatomische Les en het belang van kennis van de historische Nederlandse taal’. Een typisch Dutch Studies-onderwerp, waarin kunstgeschiedenis, geschiedenis, literatuur en taal samenkwamen. De Leidse taalkundige Ronny Boogaart ging in op de populariteit van verkleinwoorden die eindigen op -ie, zoals ‘koppie’ en ‘feessie’.

De opleiding in één woord: ‘Geweldig!’

Misschien wel het bijzonderste was het interview dat hierna volgde, met vier alumni: één uit elk decennium: Peter Eredics (uit Hongarije), Chicca Carvelli (uit Italië), Dan Hou (uit China) en Will Hoyer (uit de Verenigde Staten). Drie van hen werden ter gelegenheid van het jubileum ook geïnterviewd door de Mare. Als interviewers traden twee van de huidige (eerstejaars!) studenten op: Loredana Bujanovschi en Anna Brandt. De vier vertelden over hun docenten, over hun favoriete colleges, over hun ervaringen met Nederlands eten, over hoe de liefde hen naar hier had gebracht of hier had gehouden, en over hoe de opleiding ze op weg had geholpen bij het vinden van een baan. Op de vraag hoe ze hun tijd bij de opleiding in één woord zouden omschrijven, in antwoordden ze: ‘Geweldig!’ Niet alleen hun verhalen droegen bij aan de goede sfeer, ook het enthousiasme waarmee Loredana en Anna de vragen stelden.

Hiermee kwam er een einde aan de bijeenkomst. De gasten begaven zich naar de prachtige tuin van de Faculty Club, waar ze het glas hieven op het veertigjarig jubileum. Het was bijzonder om te zien hoeveel oud-studenten, ook van buiten Nederland, de moeite hadden genomen om naar Leiden te komen. Oude contacten werden hernieuwd en nieuwe contacten werden gelegd, en er werden uiteraard veel herinneringen opgehaald en foto’s en selfies gemaakt. Op naar het vijftigjarig jubileum in 2036!

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.