Universiteit Leiden

nl en
Studentenwebsite Wiskunde (BSc)

Oorlog in het Midden-Oosten: wat zijn de gevolgen?

De aanvallen van de VS en Israël op Iran worden door critici van het regime bejubeld, maar ook uiterst bezorgd gadegeslagen. Ze zorgen voor een gevaarlijk domino-effect in de regio en daarbuiten. Leidse experts geven hun visie op de mogelijke gevolgen.

Anna Marhold, expert in internationaal recht

Ze is lid van de Adviesraad Internationale Vraagstukken, het onafhankelijke adviescollege voor de Nederlandse regering en het parlement.

De Verenigde Staten en Israël voerden aanvallen uit in diverse landen zonder een mandaat van de VN-Veiligheidsraad. Hoe kijkt u hiernaar?

‘De Amerikaanse regering onder Trump doet niet eens de moeite om de aanvallen juridisch te rechtvaardigen en te framen in de taal van het internationaal recht. Dit is nieuw. In de afgelopen decennia hebben de VS wel vaker unilateraal, op eigen houtje, gehandeld zoals bij de inval in Irak in 2003. Maar dan probeerden ze wel om de VN-Veiligheidsraad mee te krijgen in hun juridische rechtvaardiging door zich te beroepen op het recht op zelfverdediging. Dat de VS dit nu niet meer doen toont aan dat ze de rol van de Verenigde Naties niet meer zo serieus nemen en terug willen naar een wereld van invloedsferen en het recht van de sterkste. Israël heeft met de VS een schijnbaar onvoorwaardelijke bondgenoot en kan op dit gedrag meeliften.’

Wat betekent deze ontwikkeling voor de internationale rechtsorde?

‘De geloofwaardigheid ervan loopt hierdoor nog meer zware schade op. Internationaal recht is in feite een geloofssysteem. Het werkt alleen als alle landen geloven dat naleving meer oplevert dan schending. Zodra dit systeem uit elkaar valt, is het een wereldwijd probleem voor alle landen. In het bijzonder is het een probleem voor kleine landen zoals Nederland die het niet moeten hebben van ‘hard power’ en juist baat hebben bij internationale samenwerking. 

‘Dit soort gedrag heeft ook een domino-effect op andere landen die wél militair machtig zijn en denken hun gang te kunnen gaan. Denk aan China met betrekking tot Taiwan. Instituties van internationaal recht kunnen moeilijk zelfstandig hier iets aan veranderen want zij zijn afhankelijk van de wil van hun lidstaten. We gaan nu richting een multipolaire wereldorde: landen houden zich niet meer aan bepaalde vaste coalities, maar gaan al naar gelang het onderwerp opportunistisch te werk. Als Nederland moeten we blijven inzetten op het belang van het internationaal recht en inzetten op sterkte regionale rechtssystemen zoals de EU. Daarnaast moeten we ook met een gezonde dosis zelfkritiek kijken naar ons beleid van de afgelopen decennia op het gebied van internationaal recht, zeker wat betreft de dubbele standaarden die we hanteerden.’ 

Babak RezaeeDaryakenar, universitair hoofddocent Internationale Betrekkingen

Hij doet onderzoek naar geopolitiek, politieke macht en protest en repressie in autoritaire regimes, met een focus op Iran.

Wat betekent de dood van ayatollah Khamenei voor de Islamitische Republiek? Staat er een opvolger klaar om zijn plek in te nemen?

‘De dood van de Opperste Leider en meerdere hoge militaire functionarissen heeft een ongekend opvolgingsmoment gecreëerd voor de Islamitische Republiek. Volgens de grondwet benoemt de Vergadering van Experts de nieuwe Opperste Leider, en kan een tijdelijke leiderschapsregeling in de tussentijd het gezag uitoefenen. In de praktijk zal de opvolging echter niet alleen afhangen van formele criteria, maar ook van de vraag of het religieuze establishment en het veiligheidsapparaat, met name de Revolutionaire Garde, hun interne samenhang behouden onder de druk van oorlogsomstandigheden.’

Welke sentimenten zijn het grootst onder de Iraanse bevolking?

‘Wat betreft de publieke opinie is een betrouwbare landelijke meting zeer moeilijk door de ernstige internetstoringen en het autoritaire karakter van de staat. Toch wijzen beschikbare signalen erop dat de reacties niet uniform zijn. Hoewel er onzekerheid en angst bestaan, is er ook zichtbaar bewijs van opluchting en viering onder delen van de bevolking die zich tegen het regime keren. Dit komt overeen met gegevens uit een lopende enquête die ik, ondanks de lastige meetomstandigheden, sinds 28 december uitvoer onder ongeveer 3.000 respondenten binnen Iran. In deze steekproef geeft 60% volledige steun aan buitenlandse militaire interventie, 15% geeft gedeeltelijke steun, 9% is tegen maar geeft vooral de Islamitische Republiek de schuld, en 12% is volledig tegen, terwijl de rest neutraal blijft.

‘Onderzoek naar het zogenaamde “rally-around-the-flag”-effect (of de populariteit van een regeringsleider stijgt tijdens een oorlog, red.) laat zien dat externe druk niet automatisch leidt tot nationale eenheid. Op dit moment wijzen zowel de enquêtegegevens als reacties op sociale media op aanzienlijke steun voor externe druk onder delen van de bevolking. Of deze steun sterker wordt of juist afneemt, zal afhangen van hoe de gebeurtenissen zich in de komende dagen ontwikkelen.’

 

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.