Universiteit Leiden

nl en
Studentenwebsite Philosophy (MA) (120EC)

Universiteit Leiden bepaalt koers voor verantwoorde samenwerking na advies Commissie Mensenrechten

De Universiteit Leiden maakt haar koers bekend voor gevoelige samenwerkingen met externe partners. Directe aanleiding is de aanhoudend zorgwekkende situatie in het Midden-Oosten en het recente advies van de Commissie Mensenrechten en Conflictgebieden over lopende samenwerkingen met Israëlische partners.

De universiteit bevestigt in deze koers dat zij voorlopig geen nieuwe institutionele onderzoekssamenwerkingen aangaat met Israëlische instellingen. Bij afwegingen over het eventueel stoppen van lopende samenwerkingen kijkt zij nadrukkelijk naar activiteiten op projectniveau.

Het College van Bestuur (CvB) kondigt daarnaast aan een nieuwe, geïntegreerde werkwijze voor verantwoord samenwerken met derden te gaan ontwikkelen. Daarin beoordeelt de universiteit mensenrechten, kennisveiligheid, samenwerking met risicosectoren zoals de fossiele industrie en risico’s eigen aan defensiegerelateerd onderzoek in onderlinge samenhang.

Dit toetsingskader gaat gelden voor alle gevoelige samenwerkingen. Met behulp van dit nieuwe toetsingskader kan de universiteit vervolgens ook opnieuw bepalen of nieuwe institutionele onderzoekssamenwerkingen met Israëlische partners mogelijk zijn, en of de huidige lijn om geen nieuwe samenwerkingen aan te gaan wordt voortgezet.

Advies van de Commissie

In het advies van de Commissie Mensenrechten en Conflictgebieden, dat op 2 april 2026 in definitieve versie aan het CvB is aangeboden, adviseert zij om voorlopig geen nieuwe institutionele onderzoekssamenwerkingen aan te gaan met partners in Israël zolang het geweld en de humanitaire crisis in de bezette Palestijnse gebieden voortduren, en om van de lopende samenwerkingen er elf op te schorten en één te beëindigen.

Eerder besloot de universiteit om hangende dit adviestraject geen nieuwe institutionele onderzoekssamenwerkingen aan te gaan met Israëlische instellingen. Het CvB bevestigt dit besluit en kiest ervoor deze lijn voort te zetten zolang de mensenrechtensituatie zorgwekkend blijft en de nieuwe geïntegreerde werkwijze voor verantwoord samenwerken nog niet in gebruik is.

Het CvB deelt de grote bezorgdheid over de schaal en intensiteit van het geweld en de vernietiging in het Midden-Oosten en de bezette Palestijnse gebieden, en ook over de gevolgen ervan voor universiteiten. Vanuit die zorg kijkt het college kritisch naar de samenwerkingen en verantwoordelijkheden van de universiteit.

Volgende stappen

Externe samenwerking blijft essentieel voor goed onderwijs en onderzoek. Tegelijk wil de universiteit grenzen kunnen trekken waar samenwerking dreigt bij te dragen aan ernstige mensenrechtenschendingen, academische vrijheid ondermijnd wordt of grote risico’s bestaan op ongewenste militaire toepassing van kennis.

Het CvB schort de lopende samenwerkingen niet op zoals de commissie adviseert, maar maakt voor de lopende institutionele samenwerkingen met een Israëlische partner nu wel een aantal concrete keuzes. In één project waarbij de partner direct en structureel verweven is met leger en defensie, wil het CvB met de betrokken faculteit toewerken naar beëindiging, binnen de juridische en contractuele ruimte die daarvoor bestaat. Hiertoe hebben betrokkenen uit Leiden eerder al pogingen ondernomen; destijds bood het consortium daarvoor nog geen ruimte.

In Europese consortia met een Israëlische partner met een hoog risicoprofiel, meerdere niet-Israëlische partners en zonder direct contact tussen Leiden en de Israëlische partner, laat de universiteit de lopende contractperiode uitlopen. De universiteit trekt zich terug bij een eventuele verlenging van het project, tenzij de context op dat moment fundamenteel is verbeterd.

Bij projecten die geen risico in zich dragen op directe schending van mensenrechten kiest het CvB voor zorgvuldige uitfasering. Een aantal projecten loopt binnen een paar maanden af, deze worden afgerond.

Humanitaire en maatschappelijke impact

Het CvB benadrukt ook de humanitaire en maatschappelijke impact van projecten mee te wegen. Het college wil omzichtigheid betrachten bij projecten waarbij kennis wordt ontwikkeld die levens kan redden, of die bijdraagt aan de versterking van democratische weerbaarheid, mensenrechten of de rechtsstaat.

Uniform toetsingskader

Naast de beoordeling van lopende institutionele projecten gaat het CvB aan de slag met een nieuwe geïntegreerde werkwijze voor verantwoord samenwerken. Hierin brengt de universiteit mensenrechten, kennisveiligheid, samenwerking met risicosectoren zoals de fossiele industrie en risico’s die eigen zijn aan defensiegerelateerd onderzoek bij elkaar. Deze aanpak sluit aan bij de bredere landelijke en Europese discussie, waarin wordt gepleit voor toetsing op project- en callniveau in plaats van generieke landenverboden.

De komende maanden werkt het CvB dit uit tot een uniform toetsingskader voor internationale samenwerkingen, samen met de bestaande commissies, faculteiten en medezeggenschapsorganen.

Actief ondersteunen

Aansluitend onderzoekt het CvB hoe de universiteit kan bijdragen aan ondersteuning van getroffen academici en instellingen. Dat kan bijvoorbeeld via noodbeurzen of deelname aan programma’s voor wederopbouw van academische infrastructuur, met in de huidige context bijzondere aandacht voor Gaza en de Westelijke Jordaanoever. Deze stappen zet het CvB in samenspraak met faculteiten, medezeggenschap en onze partners in Leiden en daarbuiten. Solidariteit met onze collega's in de regio is daarbij leidend.

FAQ voor medewerkers en studenten

Wat betekent dit voor mij?

Mijn onderzoek is onderdeel van een van de twaalf projecten. Wat gebeurt er nu?
Je faculteitsbestuur zorgt dat er de komende weken contact met je wordt opgenomen om jouw situatie in kaart te brengen. Definitieve besluiten nemen we voor de zomer, en pas nadat jouw situatie is besproken. We garanderen te allen tijde de continuïteit van het werk voor jonge onderzoekers. Besluiten over institutionele samenwerkingen zijn gericht op de samenwerking zelf, niet op individuele onderzoekers of promovendi.

Ik ben promovendus of postdoc in een betrokken project. Loop ik risico?
We willen voorkomen dat een besluit van de universiteit jouw onderzoek onnodig schaadt. Je faculteitsbestuur brengt jouw situatie in kaart voordat er definitieve besluiten worden genomen. Waar nodig wordt gezocht naar oplossingen. We garanderen te allen tijde de continuïteit van het werk voor jonge onderzoekers. Zodra besluiten zijn genomen, maken we ze bekend via de medewerkers- en studentenwebsite. We houden je via je faculteit op de hoogte van de voortgang.

Hoe worden studenten en medewerkers betrokken?
We overleggen met de Universiteitsraad voordat definitieve besluiten worden genomen.

Wat besluit het CvB en waarom?

Waarom volgt het CvB het advies van de commissie niet volledig op?
Het CvB heeft een uitvoerbare koers bepaald en bevestigt dat er voorlopig geen nieuwe samenwerkingen met Israelische partners aan worden gegaan. Met het bepalen van de koers heeft de universiteit gewacht tot het rapport van de commissie er was, zodat we terdege rekening kunnen houden met haar inschattingen.

Waarom gebruikt het CvB andere woorden dan de commissie (opschorten, beëindigen)?
De commissie beschrijft wat zij uit moreel oogpunt nodig acht, maar het CvB moet ook afwegen wat we daadwerkelijk kunnen doen. Alle projecten zijn ingebed in Europese consortia met contractuele verplichtingen aan meerdere partners. We nemen het advies van de commissie als leidraad, maar willen niet meer beloven dan we kunnen waarmaken.

Wat is de koers voor nieuwe samenwerkingen met Israëlische partners? 
Het tijdelijk verbod op nieuwe institutionele samenwerkingen blijft van kracht. We gaan in principe geen nieuwe samenwerkingen aan zolang de mensenrechtensituatie zorgwekkend blijft en ons nieuwe wegingskader nog niet af is.

Het CvB wil naar een samenhangend wegingskader. Wat zegt dat over de opdracht aan de commissie?
Het advies van de commissie is een belangrijke bouwsteen voor het bredere traject dat we nu inzetten. De keuzes over koers en kaders zijn onze verantwoordelijkheid. We hebben een kader nodig dat we op alle gevoelige samenwerkingen kunnen toepassen. Dit integrale wegingskader borgt dat toekomstige besluitvorming sneller en consistenter verloopt, met dezelfde zorgvuldigheid, ook omdat we dan voorafgaand aan de ondertekening van een samenwerkingsovereenkomst tot een inschatting moeten kunnen komen.

Hoe verhoudt dit besluit zich tot academische vrijheid?
Academische vrijheid is voor de Universiteit Leiden een kernwaarde, en deze is verankerd in onze geschiedenis en ons motto. Die vrijheid functioneert niet in een vacuüm. Zorgvuldig getoetste samenwerking kan onder bepaalde omstandigheden juist bijdragen aan de bescherming van academische vrijheid. Denk aan het steunen van kritische wetenschappers in een repressieve context, of aan het versterken van internationale normen voor ethisch onderzoek. Dit is een belangrijke reden om niet te kiezen voor een generiek landenverbod, maar voor een beoordeling per project en per activiteit.

Procedure en tijdlijn

Wanneer neemt het CvB definitieve besluiten?
We streven ernaar dit voor de zomer van 2026 te doen. We werken hiervoor samen met de betrokken faculteiten en in overleg met de Universiteitsraad. Voor elk project kijken we naar de aard van de samenwerking, de positie van betrokken onderzoekers en promovendi, de contractuele verplichtingen en de bredere gevolgen. Zodra besluiten zijn genomen, communiceren we hier weer over.

Waarom duurt dit (minstens) tot de zomer?
Voor een verantwoord besluit moeten we de contractuele situatie van elk project laten uitzoeken, de gevolgen voor lopende financiering in kaart brengen en goed begrijpen wat uitfasering of beëindiging betekent voor de betrokken mensen. Een deel van die informatie is beschikbaar, een deel moet nog worden verzameld. Bovendien kost het overleg met de Universiteitsraad en de Raad van Toezicht tijd. Voor de zomer is de vroegst haalbare termijn.

Wanneer is het nieuwe wegingskader klaar?
We streven ernaar dit kader in het najaar van 2026 gereed hebben. Dit traject loopt parallel aan de besluitvorming over de specifieke projecten.

Sommige mensen voelen frustratie of onvrede. Hoe gaat het CvB daarmee om?
Die gevoelens zijn heel begrijpelijk. Binnen onze gemeenschap hebben mensen uiteenlopende en soms tegengestelde opvattingen over de juiste koers. Ook over hoe omgegaan moet worden met samenwerkingen met Israëlische universiteiten bestaan heel uiteenlopende standpunten.

Wij vinden het heel belangrijk dat alle studenten en medewerkers zich veilig voelen aan onze universiteit. Besluiten over institutionele samenwerkingen mogen nooit leiden tot stigmatisering van individuele mensen of groepen. De Universiteit Leiden wijst elke vorm van antisemitisme, islamofobie of andere haat en intimidatie uitdrukkelijk af en treedt waar nodig op.

Context en vergelijking

Zijn wij de enige universiteit die deze stappen zet?
Nee. Onze universiteit maakt deel uit van een bredere Europese beweging waarin universiteiten actief nadenken over de grenzen van institutionele samenwerking. Op beleidsniveau riepen de nationale rectorenconferenties van Nederland, België, Oostenrijk, Frankrijk, Polen en Spanje recent gezamenlijk op tot sterkere waarborgen voor mensenrechten in het toekomstige Europese kaderprogramma FP10 (2028–2034). In Scandinavië en de Lage Landen kiezen universiteiten tot nu toe vooral voor een beoordeling per partner en per type samenwerking, met als toetssteen de mate van militaire verwevenheid. Daar tegenover staan bijvoorbeeld Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, waar universitaire koepels institutionele boycots uitdrukkelijk afwijzen en wetenschappelijke samenwerking juist zien als instrument voor dialoog.

Als voorbeeld: de Universiteit Gent (UGent) startte in mei 2024 een formeel uittredingstraject voor twaalf lopende Horizon Europe-projecten met Israëlische partners. Dit bleek uitzonderlijk complex: elk project vereist individuele onderhandelingen met alle consortiumpartners en goedkeuring van de Europese Commissie. In maart 2026 ontving UGent formele toestemming van de Europese Commissie voor uittreding uit één project. Voor de overige projecten loopt het traject nog. De doorlooptijd van twee jaar voor één project illustreert de complexiteit van voorstellen tot opschorten of beëindigen van consortia.

Hoe onafhankelijk was de adviescommissie?
Volledig. De commissie is ingesteld door het College van Bestuur, maar heeft haar werk zonder inhoudelijke aanwijzingen uitgevoerd. De leden zijn geselecteerd op hun deskundigheid op het gebied van mensenrechten, internationaal recht en ethiek.

Waarom hebben we zo lang moeten wachten op het adviesrapport?
De commissieleden hebben een complexe en gevoelige opdracht uitgevoerd, en deden dat bovenop hun reguliere werkzaamheden. Ze hebben zorgvuldig gewerkt en diverse betrokkenen gesproken. Het rapport is op 12 maart 2026 in conceptversie aangeboden en op 2 april definitief vastgesteld na een feitencheck. Die drie weken zijn gebruikt voor zorgvuldige verificatie en doorvoeren an aanpassingen door de commissie. Dat kost tijd, maar is noodzakelijk voor de kwaliteit van het advies.

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.