Onze geesteswetenschappen: een verhaal met kracht
Decaan Henk te Velde over de koers en toekomst van de faculteit: Een klein jaar geleden bleek dat de faculteit geen formele reorganisatie hoefde te ondergaan. Er was tijd om ons voor te bereiden op de toekomst. We kunnen onze kwaliteiten verdedigen én nadenken over onze identiteit en ambities.
Geesteswetenschappen staan onder druk, in Nederland en ver daarbuiten. Ook wij hebben nog een flinke opgave, maar onze faculteit staat er relatief goed voor. Ook bij een afname van het aantal studenten blijft onze studentenpopulatie groot en onze expertise staat recht overeind. Daar mogen we zelfvertrouwen aan ontlenen en moeten we ons bewust van zijn. Waar is zoveel expertise over zoveel gebieden, talen en culturen, over zo’n lange periode beschikbaar als hier? De Leidse geesteswetenschappen zijn uniek in Nederland en Europa.
Vanuit dat bewustzijn heeft het faculteitsbestuur samen met de instituten de identiteit van de faculteit beschreven in een ‘strategisch narratief’. We waren het opvallend snel eens over de kern van die identiteit en de kracht ervan. In een wereld vol geopolitieke spanningen hebben wij de expertise over de spanningsgebieden in huis en begrijpen we die gebieden van binnenuit. En aan politici, bedrijfsleven en de samenleving in brede zin kunnen we uitleggen dat diep historisch inzicht in talen, culturen en regio’s geen luxe is, maar essentieel om de wereld te begrijpen en daarin actief te zijn.
Bijzonder is ook de eeuwenoude onderzoekinfrastructuur rond onze faculteit – van de unieke universiteitsbibliotheek tot musea, onafhankelijke onderzoeksinstituten, stichtingen en verenigingen. Er is zoveel dat een volledig overzicht daarvan best moeilijk te krijgen is. Voor wie er dagelijks mee te maken heeft, spreken al die uiteenlopende instellingen voor zich, maar zelfs voor mij als decaan was veel nieuw en onbekend, terwijl ik hier toch al meer dan twintig jaar werk. Ik heb veel geleerd, een van de aantrekkelijke kanten van mijn positie!
Omdat geesteswetenschappen weleens kritisch bekeken worden en financieel onder druk staan, zijn we gewend aan verdediging en geneigd tot enige somberheid. Daar mag grond voor zijn, maar er is toch ook reden voor optimisme. Wat hier is opgebouwd, staat stevig. Het is ook dynamisch en energiek. De aloude infrastructuur is de basis voor vernieuwend onderzoek en onderwijs in alle delen van de faculteit. De meest recente onderzoekvisitatie was onder de indruk van de kwaliteit over de hele breedte en prees ons omdat we de verbinding tussen onderwijs en onderzoek in stand weten te houden. Ook Den Haag staat voor vernieuwing in onze faculteit, vooral via de grote opleiding International Studies daar.
Ons grootste kapitaal is wat mij betreft echter belichaamd in de medewerkers die vanuit hun eigen inzichten en ambities bijdragen aan het grote geheel dat de faculteit vormt. Natuurlijk hebben we uiteenlopende inzichten en zijn we het niet altijd met elkaar eens, maar de mix is prachtig en is mij het afgelopen jaar nog meer dierbaar geworden. Goed onderzoek, goed onderwijs en goede ondersteuning zijn ieder op zich essentieel omdat ze elkaar versterken en inspireren; in het geheel heb ik veel vertrouwen.
De identiteit van onze faculteit is heel herkenbaar – en we kunnen daarover een overtuigend verhaal vertellen. Onze faculteit is de plek waar traditie en toekomst samenkomen. Die identiteit is ook breed. Er is ruimte voor al onze instituten en opleidingen, voor veel disciplines, benaderingen, periodes en gebieden. En dat alles in samenhang met elkaar. Het strategisch narratief is bedoeld om dat aan de buitenwereld uit te leggen. Het is goed dat wij daar binnen de faculteit af en toe bij stilstaan, zodat we onze krachten bundelen en met des te meer energie blijven vernieuwen.